Curaçao, Colombia en Panama

Curaçao is een beetje home-away-from-home geworden voor ons. Een vaste groep bootbewoners (zeilers noem ik het niet) en een wisselende groep bekenden en minder bekenden ligt in het grote beschutte Spaanse Water, het sociale leven is zo druk als je wilt. Op happy hour, vrijdags vanaf zes uur, komen ook eilandbewoners en zo leer je lokale mensen kennen. Wij hebben twee heel fijne vrienden overgehouden van happy hour: Peter en Dorreen. We missen ze nu al. Beide zijn opgegroeid op Curaçao,  vertrokken naar Nederland voor een studie en werk, trouwden met iemand anders, kregen kinderen en zijn elkaar een paar jaar geleden weer tegengekomen. Nu zijn ze terug op het eiland. Uiteindelijk voelen eilanders zich hier het meeste thuis.

Lange draden, gesponnen met vliegtuigvluchten en internet, verbinden ouders met kinderen en kinderen met ouders over de oceaan. Een beetje wat wij nu ook hebben: eigenlijk zijn de kinderen te ver weg. Dat is ook waarom wij naar de Middellandse Zee terugkeren deze zomer.

Wij boften omdat dochter Tess met vriend Chris op bezoek kwamen. We zeilden naar Bonaire en reden een rondje om het eiland.

Het zout ligt te drogen en wacht op vervoer.

Het zout ligt te drogen en wacht op vervoer.

Tess en Chriss

Tess geniet in de hangmat op het strand.

Tess geniet in de hangmat op het strand.

Na ons verblijf in Amsterdam afgelopen zomer bleven we in het Spaanse Water rondhangen omdat er in November een nieuw kindje zou worden geboren in Amsterdam.

Kleine Lora

Kleine Lora

Ik ben er alleen heen gegaan terwijl At de boot opnieuw schilderde en zoon Tim op bezoek kreeg. In Amsterdam werd de snoezige Lora geboren bij kersverse moeder Frederike en vader Stefan. Helaas werd het klimaat me weer te gortig en besteedde ik een groot deel van de tijd ziek in bed en de rest van de tijd moest ik het hoestend en zonder stem doen. Dit is een van de redenen dat wij niet meer in Nederland verblijven ’s winters.

Lionfish, de plaag van de Caribische zee. At is er dol op!

Lionfish, de plaag van de Caribische zee. At is er dol op!

Ondertussen kreeg At bezoek van zoon Tim. Terug gekomen zijn At en ik gaan duiken om het onderwaterlandschap van dit eiland te bewonderen. Dan anker op en op naar Cartagena voor kerstfeest en oud-en-nieuw met vrienden Pim, Paula, Krina en Lutz en de

Oud en nieuw in Cartagena: de jaarwisseling maar ook de stad.

Oud en nieuw in Cartagena: de jaarwisseling maar ook de stad: een oude muur, achter de baai ligt een nieuw deel van de stad. Hotels en flats, malls en kantoren.

nieuwe gezichten van dierenartsen Matilde en Wim, zij doet de gezelschapsdieren en hij is gespecialiseerd in het opereren van paarden.

Stadspoort Cartagena

Stadspoort Cartagena

Spaanse balkons...

Spaanse balkons…

Cartagena is een prachtige ommuurde stad met gezellig straatjes, spaanse balkonnetjes en leuke winkeltjes. Na het wat te warme en benauwde Curaçao genieten we van wat koelte. Ook is hier de bevolking erg ijverig en het ritselt er van de winkeltjes, sommige zo groot als een kast of desnoods een dienblad maar geld verdienen is hier prioriteit nummer 1. Heel anders dan op Curaçao waar uitkeringen de mensen passief houden.

Dit is echt een fijne stad en Colombia is een prachtig land waar we niet genoeg van gezien hebben helaas.

Straatbeeld: iedereen heeft een winkeltje, al is het ter grootte van een dienblad.

Straatbeeld: iedereen heeft een winkeltje, al is het ter grootte van een dienblad.van hebben gezien helaas.

 

De koffieshop is mobiel.

De koffieshop is mobiel.

 

 

 

 

 

Na Cartagena bezochten we een paar uur zeilen verderop de Rosarias eilanden en toen de Sint Barnard eilanden. Heel bijzonder daar was een klein eilandje, ter grootte van anderhalf voetbalveld, dat door de bewoners zelf is gemaakt op een ondiepte van conch(konk)schelpen, waarschijnlijk door maroons, weggelopen slaven. De bewoners zijn allemaal nog steeds zwart terwijl de rest van de bevolking gemengd indiaan, spanjaard en zwart is.

Isla Islota, een zelfgemaakt eilandje, van comch schelpen.

Isla Islota, een zelfgemaakt eilandje, van comch schelpen.

Hutje mutje wonen

Er is van alles te koop hier.

Er is van alles te koop hier.

de mensen op elkaars lip, leven van de visserij en wat er te ruilen valt met de bevolking van het land. Omdat er erg veel kinderen zijn en de bevolking toeneemt, groeit het eilandje gestaag. Je kunt de conchschelpen

Middenin het eiland staat een kruis. Er zijn hier veel prullenbakken, het is netjes!

Midden op het eiland staat een kruis. Er zijn hier veel prullenbakken, het is netjes! links zie je de kappaer staan: een jonge man heeft een kam en een scheermesje, daarmee weet hij de prachtigste kapsels te maken.

gewoon zien liggen.

Bouw je eigen eiland van conchschelpen, je kunt het uitbreiden als er te weinig ruimte is.

Bouw je eigen eiland van conchschelpen, je kunt het uitbreiden als er te weinig ruimte is.

Daarna was het een flinke oversteek met aardig hoge golven en een hoop wind naar de San Blaseilanden van Panama. Vlak boven de grens met Colombia ontmoetten we onze eerste echte indianen.

De Kuna indianen van Panama

Een kunadorp lijkt erg veel op een openluchtmuseum.

Een kunadorp lijkt erg veel op een openluchtmuseum.

Het is een strijdlustig volk, de Kuna indianen van Panama. Door hun doorzettingsvermogen hebben ze onafhankelijkheid verworven binnen Panama zodat ze als autonome groep hun eigen leefwijze kunnen handhaven. De vraag is nu of hun cultuur ook bestand is tegen de moderne tijd.

Onze eerste kennismaking met de Kuna is meteen een goede. De Kuna leven onder strenge leiding van henzelf, Een paar dagen per week komt het congres bijeen, alle mannen boven de 18 moeten erheen. De klank van een conchschelp is het signaal dat iedereen moet komen in de grote hut van het congresso. Hier mag je geen foto’s maken. De hut is ongeveer 10 bij 20 meter, flink hoog en het klimaat is er heerlijk koel. De wanden bestaan uit stokjes die met een kleine tussenruimte de wind de kans geven door de ruimte te blazen. Het hoge rieten dak vangt warmte op en voert die af. In het midden bungelen een stuk of acht hangmatten voor de hoogsten in rang (meestal mannen), de rest van de mannen zit op een houten bank of stoel. Hier wordt alles besproken, beslissingen worden genomen, regels vastgesteld, problemen opgelost en ruzies bijgelegd. Ik probeer me dan voor te stellen hoe Job Cohen met stoffige blote voeten zachtjes zwaaiend in een hangmat de gemeenteraad voorzit. De vrouwen vergaderen apart.

Mannen verdienen geld door kokosnoten te oogsten en te verkopen aan schepen uit Cartagena: aan de kust zijn geen steden en geen wegen, de handel wordt dus over zee gedreven door deze schepen die veel te zwaar beladen zijn, er zijn hier grote golven!

Zwaae beladen kokosnoten boot.

Zwaae beladen kokosnoten boot.

Kokosnoten zijn echt geld van de Kuna. 60.000 stuks gaan naar Colombia.

Kokosnoten zijn echt geld van de Kuna. 60.000 stuks gaan naar Colombia.

Ons eerste dorp, Perme, heeft een conservatief beleid. Wat betekent dat voor de mensen? Geen licht, nog net wel stromend water, buiten op ‘straat’ en geen radio of telefoon. Om 5 uur ’s morgens staan de kuna op, de mannen gaan in hun ulu, boomstamkano, naar hun plotje land om kokosnoten te halen of te vissen. De vrouwen zorgen voor de kinderen, het huis, eten bereiden ze verdienen het geld door mola’s te maken en te verkopen.

Onze eerste mola, een kunstwerkje gemaakt met naald en draad en een heleboel lapjes.

Onze eerste mola, een kunstwerkje gemaakt met naald en draad en een heleboel lapjes.

Mola’s zijn doeken waarop patronen in meerdere lagen stof met piepkleine steekjes zijn vastgenaaid. De mola’s worden zelf gedragen op de borst en rug maar vooral verkocht aan reizigers zoals wij. daarboven zijn mouwen van dunne stof gezet en er onder dragen ze

Een jonge dame in kunadracht: veel kralen, een mola om het bovenlichaam met mouwen en als rok een geknoopte lap.

Een jonge dame in kunadracht: veel kralen, een mola om het bovenlichaam met mouwen en als rok een geknoopte lap. Zij draagt een vrij korte rok maar dat is een uitzondering.

een lap als rok tot over de knieen. Op het hoofd hebben ze meestal een rode doek, die heeft te maken met de Kuna religie. Om hun onderbenen zitten kralen in geometrische patronen. Die kralen verwikkelen de vrouwen in een levenslange strijd tegen de zwaartekracht: de meeste kralenwerken hangen slordig rond de kuiten. Op hun onderarmen dragen ze ook kraaltjes.

De kralen op de benen en de mola’s zijn ontstaan doordat de missionarissen in de jaren 50 de Kuna wijsmaakten dat ze zich niet mochten tatoeeren. Toen hebben ze besloten de patronen op stof te maken. Je moet wel toegeven dat je beter en vaker een lap stof kunt verkopen dan je huid.

De beenkralen worden geregen op een model van het onderbeen in hout.

De beenkralen worden geregen op een model van het onderbeen in hout.

In Panama, dat maar een paar graden boven de evenaar ligt, is het rond half zeven stik donker. Bovendien komen rond die tijd de muskieten in aktie. De Kuna kruipen dan in hun hangmat, onder de klamboe en gaan slapen. Je ziet immers geen hand voor ogen. De hutten zijn opgebouwd uit vrij dun hout, vaak wordt bamboe gebruikt. Ook hier stokjes naast elkaar, de deur is meestal van mooi dit teakhout en soms zit er zelfs een slot op.  Het dak is gemaakt van palmbladeren en iedereen verzekert ons dat het geheel waterdicht is, zelfs in de regentijd als alles druipnat is.

Een indiaan neemt ons mee de rivier op en laat ons enkele Kunagraven zien, die op  mooie plaatsen langs de rivier staan.

Kunagraven met wat gebruiksartikelen erop.

Kunagraven met wat gebruiksartikelen erop.

Wat een prachtige tocht maakten we met de rubberboot op de rivier.

Wat een prachtige tocht maakten we met de rubberboot op de rivier.

Wij moeten bukken om binnen te komen. De Kuna zijn, na de pigmeeen, de kleinste mensen van de wereld. Vrouwen hebben vaak de gestalte van een kind van 10 jaar. Ze willen niet op de foto helaas, ze zien er altijd kleurig uit met hun kralen en doeken. Binnen bestaat de vloer uit aangestampte aarde en is hobbelig. Wij krijgen altijd een plastic stoel aangeboden. Kinderen, oma’s en honden

De boomstam kano is hier wat bij ons de auto is. Ook boten van moderne materialen worden in deze vorm gemaakt.

De boomstam kano is hier wat bij ons de auto is. Ook boten van moderne materialen worden in deze vorm gemaakt.

worden eerst van de stoel afgejaagd. De vader heeft zelf een plastic stoel en de moeder zit vaak in een hangmat, liefst met een kind aan de borst. Voor het zogen heeft hun molajakje een horizontale rits aan de voorkant.

Voordat we in huis komen zijn we eerst door kindertjes de tuin in genodigd. De kinderen zijn erg vrolijk, moeten erg lachen als ze ons zien en roepen ‘Ola, Ola!’ en dan moet je zwaaien en zelf ook ‘ola’  roepen. Sommigen tronen je aan de hand mee de omheinde tuin in. In de tuin staan een paar hutten. Een hut is de keuken. Potten, pannen en andere keukenspullen staan op rekjes. In de grond steken drie stukken ijzer, daartussen liggen boomstammetjes met een smeulende punt naar het midden. In de stokjesmuur is een wat grotere opening gelaten om extra wind over het vuurtje heen te laten blazen. Moet er iets worden gekookt, dan gaat er wat kokosnotenvezel bij de smeulende stammetjes, de stammetjes schuiven op naar het midden en een vuurtje ontstaat. Omdat iedereen in een gortdroge hut met palmbladerendak woont, is het gevaar voor brand enorm groot dus iedereen is heel erg voorzichtig. De indianen eten erg eenvoudig: wat rijst, bonen, een beetje kip of vis, soms mais, kokos of een vrucht.

In een andere hutten wordt geslapen door families: zussen van elkaar. De mannen trekken in bij hun vrouw in de tuin van haar ouders. Hij neemt alleen zijn kleren mee. En lopen dingen mis, dan vertrekt hij weer.

Kleding hangt netje aan het dak. De grond is van aarde dus daar laat je liever niets op liggen.

Kleding hangt netje aan het dak. De grond is van aarde dus daar laat je liever niets op liggen. Hier staat een bed, er zijn geen lakens.

Er zijn hangmatten maar tegenwoordig zie je ook bedden.  De kleding hangt keurig gewassen op hangertjes aan een stok van het dak. De mola’s en de rokdoeken hangen opgevouwen over een stok. Soms tref je op de vloer een kist met houten poppen aan. Deze poppen zijn gemaakt door de medicijnman of –vrouw. Ze leven en gaan op zoek naar problemen die je hebt in de lichaam of in je geest en verhelpen die dan. Dat ik deze foto mocht maken is echt heel bijzonder want de Kuna hebben het niet zo op fotograferen.

Een riool is er niet op de eilanden. Ieder gezin heeft een eigen hokje op een gammel steigertje dat een gat heeft boven de zee. Wat ze in het donker doen weten we niet, die steiger kun je dan in ieder geval niet vinden. Maar stinken doet het nergens.

De Kuna die wij na die eerste keer ontmoeten wonen allemaal op koraaleilandjes die uit hun voegen barsten van de hutten. Vroeger woonden de stammen op het vaste land bij een rivier. Wij hebben het geluk dat we hier zijn in de droge tijd, als het waait uit het noorden, ruwweg in de winter en het voorjaar. In de natte tijd is het hier erg benauwd en stikt het er van de muggen. Omdat veel indianen ziek werken van

De geneespoppen, absoluut geen kinderspeelgoed.

De geneespoppen, absoluut geen kinderspeelgoed.

bijvoorbeeld malaria, zijn nogal wat dorpen verhuisd naar de eilandjes. Hier heb je vrijwel geen insecten en dat is een zegen natuurlijk. Alleen het eerste dorp waar we waren lag op het vaste land.

Indianen van de San Blas wonen in een schitterend natuurgebied met droomeilandjes met zandstranden en palmbomen. De zee is blauw en het water lekker warm. Voor ons zeilers is het een paradijsje met als bijzonderheid de ontmoeting met deze mensen die zo uit het stenen tijdperk komen. Als je ankert bij een onbewoond eilandje komen er toch

De groenteman komt langs in een ulu.

De groenteman komt langs in een ulu.

indianen langs in hun boomstamkano. Daarmee steken ze rustig de ruige zee over, al is het alleen maar om $5 liggeld op te halen, wat vis, groente of kokosnoten te verkopen of het zijn vrouwen met mola’s. Die kun je dan op je gemak bekijken, onderhandelen over de prijs of vriendelijk bedanken omdat je de mola’s niet mooi vindt. ‘Pane malo!’ roep je dan, dat betekent ‘tot morgen’. Eindelijk valt er ergens iets moois en bijzonders te kopen. Dat is voor het eerst deze reis.

In de verschillende dorpjes zijn indianen naar ons toe gekomen om ons het dorp te laten zien en er over te vertellen. Ik ben heel blij dat ik mezelf Spaans heb geleerd want nu kan ik daar volop van genieten. Ik hoor onze gidsen uit over hun leven en ze nodigen ons uit bij hen thuis wat echt heel bijzonder is.

Ook kinderen komen naar ons toe en zijn benieuwd naar ons land. Ik geef ze een boekje

De kinderen bekijken graag de foto's van Nederland. Ze mogen in de dingy zitten.

De kinderen bekijken graag de foto’s van Nederland. Ze mogen in de dingy zitten.

met luchtfoto’s van Nederland. Al snel is er een hele groep kinderen aan het lezen en praten met elkaar.

Meerdere keren ontmoeten we even de Saila, dat is de

Kunacode, deze tekeningen staan voor 6 uur zingen. Echt een schrift zou ik het niet noemen.

Kunacode, deze tekeningen staan voor 6 uur zingen. Echt een schrift zou ik het niet noemen.

chef of het opperhoofd van het dorp. En we maken kennis met een medicijnman die ons het Kuna ‘schrift’ laat zien; een reeks tekeningen die bedoeld zijn als hulp bij het zingen. De medicijnman moet soms uren lang zingen bij een zieke. Die liederen gan over de duivel, over planten en als in het lied de genezende plant voorkomt moet die op dat moment ook worden toegediend. Het is jammer dat deze man, van 88 jaar oud, niemand kan vinden die het schrift wil leren tekenen, de liederen van soms zes uur lang wil leren of wil leren hoe de medicijnen worden gemaakt. Dat is echt heel zonde en ik hoop dat er mensen zijn die alles op schrift en video vastleggen.

Ik kon het niet laten: ik moest een keer in z'n ulu varen. Pim peddelt mee.

Ik kon het niet laten: ik moest een keer in z’n ulu varen. Pim peddelt mee.

Een heel grote medicijnpop op het eiland Pinos.

Een heel grote medicijnpop op het eiland Pinos.

In een dorpje is een ‘museum’ en daar gaan de Panoramix van Pim en Paula en onze Mauyva voor anker. We vallen met onze neus in de boter want er is een bruiloft. Eerst bezoeken we het museum. Het is geheel in Kunastijl: het is een hutje. De deur zit op slot maar er komt een oudere dame aan die een sleutel van de deurpost pakt om de deur open te doen. ‘Tres’, zegt ze. Nee, zeggen wij, we zijn met ons vieren. We lopen maar naar binnen. Langs de wanden staat wat artefacten zoals de houten geneespoppen en modellen van ulu’s, schelpen, met de hand getekende informatieborden in de vorm van een

At, Pim, Paula en Andres. Hij heeft een Apple computer thuis, maakt kralenwerken en heeft veel gereisd.

At, Pim, Paula en Andres. Hij heeft een Apple computer thuis, maakt kralenwerken en heeft veel gereisd. We hadden echt een vriendshcap opgebouwd.

stripverhaal. Zo ga ik begrijpen waarom de albino’s hier in hoog aanzien staan. Indianenvriend Andres heeft al verteld dat het is omdat de blanken nu eenmaal intelligenter zijn dan de indianen. Nu zie ik dat er een mythe is waarin een maansverduistering wordt veroorzaakt door een draak. De draak kan uitsluitend worden verslagen door een albino.

We hebben heel wat albino’s gezien in de dorpen: meestal met hoed, lang mouwen en broek en een ernstig beschadigde huid. De Kuna waren vroeger nogal pragmatisch als het ging om mensen met een afwijking: alle baby’s die niet helemaal gezond waren of afweken werden meteen gedood. Dat mocht natuurlijk niet van de missionarissen dus nu blijven ze allemaal leven. En door inteelt zijn er nogal wat mensen met een handicap. Wie echt niet goed bij zijn hoofd is moet in een hok en wordt gevoerd, zo hebben we al eens gezien.

We hebben trouwens een keer een heel nest missionarissen op zo’n eiland gezien: acht enorm dikke, bleke en grote vrouwen en mannen van het Amerikaanse platte land, leden van een klein onbekend kerkgenootschap. Ze kwamen hier op bezoek om wat te zingen in de kerk, te knutselen met de kinderen en, het zou niet leuk worden, een begrafenis te leiden. Een vrouwelijk lid van de kerk was juist overleden en de Kuna wilden de vrouw op hun eigen manier begraven. De acht vette amerikanen probeerden die avond ze te dwingen om het op hun manier te doen. Gelukkig hebben de Kuna ze uit de kerk gezet maar het geeft wel aan wat een respectloze mensen die missionarissen zijn.

Enfin. In het museum zou een gids werken die vertelt over de Kuna Mister Davis. Veel indianen hebben een Amerikaanse naam aangenomen speciaal voor de buitenlanders die de ingewikkelde Kunanamen niet kunnen onthouden. Maar Mister Davis was dronken want hij was op de bruiloft. Hij kon niet komen maar wij mochten wel naar de bruiloft. Een indiaan die ook naar het museum was gekomen, inde de toegangsprijs van drie dollar, daarom zei de mevrouw natuurlijk steeds ‘tres’.  Met de oudere vrouwen kun je niet praten omdat ze niet naar school zijn geweest waar tegenwoordig alle kinderen Spaans leren.

Wij naar de grote feesthut. Daar werd lol gemaakt. De Kuna drinken erg weinig alcohol, wat de redding is van hun bestaan. Maar als het feest is maken ze chicha, een brouwsel van suikerriet, koffie, cacao en kokos dat in grote aardewerken kruiken in de hut staat te gisten en met de dag rijker wordt aan alcohol. De mannen, met een zwarte broek, roze hemd en zwart hoedje, dansen samen in een kringetje, ze geven de kalebassen waaruit ze drinken met chicha aan elkaar door en roken sigaretten en hash. Wij zitten te kijken op een bankje maar worden al snel uit elkaar gehaald; At en Pim moeten aan de mannenkant zitten en Paula en ik bij de vrouwen. Daar is het een en al feest. De oude dametjes zijn stom dronken en dansen met ons in het rond. Jonge meiden lopen rond en delen rum uit en lolly’s, wij moeten ook meedrinken. Iedereen spuugt  vrolijk op de aarden vloer. Zo blijft al dat stof en zand mooi liggen.

Ik voel me een beetje een pottenkijker op dat feest. Iedereen draagt zijn mooiste kleren, de vrouwen hebben niet alleen hun beste mola’s aan, ze hebben ook roze rondjes op hun wangen geschilderd en een zwarte streep over hun neus getrokken. Hier is een grote neus een schoonheidsideaal en onze westerse neuzen zijn enorm vergeleken met hun neuzen, nu voel ik me eindelijk een keer trots op mijn neus. Als de indianen een toekan hebben geschoten nemen de vrouwen de enorme snavel van de toekan en wrijven die langs hun neus,  in de hoop dat die hierdoor groter wordt.

Een oudere vrouw is gaan zingen op een hoge indringende manier. Het klinkt echt als Kunazang. Je hoort hier nooit iemand zingen, behalve in de kerk. Nu krijg ik een beetje een idee van hoe dat moet hebben geklonken vroeger.

Maar als je zelf niet dronken bent is het niet lang leuk in de hut dus we wandelen nog even door het dorp en gaan weer naar de boot terug.

Kunakinderen weten zich goed te vermaken. ze bouwen vliegertjes van een stuk tijdschrift

Heerlijk vliegeren.

Heerlijk vliegeren.

en die vliegers blijven uren lang staan in de lucht!  Ik heb een vlieger gekregen van een meisje.

Spelen met een doos.

Spelen met een doos.

Een A-4tje, drie stokjes, een lange sliert geknoopte lapjes en wat vistouw: mijn vliegertje.

Een A-4tje, drie stokjes, een lange sliert geknoopte lapjes en wat vistouw: mijn vliegertje.

Een doos is ook fijn om mee te spelen.

Op weg naar de boot trapt Pim bijna op deze giftige slang.

Op weg naar de boot trapt Pim bijna op deze giftige slang. Inderdaad, je moet goed kijken om hem te zien!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De volgende dag is het weer eens tijd voor wat anders. We gaan naar een ankerplek bij zo’n idillisch tropeneilandje en ontmoeten daar weer onze vrienden Krina en Lutz. We zijn weer zeilers onder elkaar en we wisselen verhalen en ervaringen uit. En koffie natuurlijk plus wat tips waar je het beste kunt snorkelen.

De avond valt ...

De avond valt …

 

 

 

 

 

 

En dan reizen we Kuna Yala (kunaland) uit, richting het Panamakanaal. We gaan niet met de boot door het kanaal want we keren dit jaar terug naar Europa: de Middellandse Zee is echt veel dichter bij de kinderen en kleinkinderen en onze Nederlandse vrienden zodat we niet de Pacific over gaan zeilen. Maar we gaan wel proberen om op andere boten mee te varen door het Panamakanaal. We liggen in een marina in Shelter Bay, vlak bij de ingang van het kanaal. De volgende keer lezen jullie hoe het is om het kanaal met de sluizen door te varen. Een groot avontuur staat ons te wachten.

Advertenties

Over beatrijsvw

Sailor, internet marketer, money maker online
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

3 reacties op Curaçao, Colombia en Panama

  1. Ha Beatrijs, wat een boeiend verhaal weer. Wat maken jullie veel interessante dingen mee. Je schrijft ook leuk, fijn om te lezen! Genietse verder. Groetjes, Antoinette

  2. Als jullie weer in de buurt van Spanje zijn, moeten jullie zeker een keer langskomen in Alcalali!

  3. Jan Palmboom zegt:

    Nu pas het verhaal gevonden via de ZV het Y site ; leuk te horen dat jullie nu in shelter bay marina zijn . Wij hebben daar goede herinneringen aan. Wij zijn vanaf shelter bay noord gegaan naar Isla de Providencia , Kaayman eilanden en Cuba . De NE passat was vanuit Panama erg sterk (zo’n 45 knopen) er is een prachtige anker baai op Isla de providencia en het was net bezeild
    groeten vanuit een koud nederland

    Saudade

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s